Drenthe veen landschap ontstaan: Geologie en natuur uitgelegd

Portret van Femke van der Dijk, Drenthe gids en reisschrijver over hunebedden en campings.
Femke van der Dijk
Drenthe gids & reisschrijver
Horeca & Uit Eten · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je fietst door Drenthe, de wind waait door je haren en overal om je heen zie je die typische glooiingen. Het voelt een beetje alsof je in een sprookje bent beland.

Waar komt dat eigenlijk vandaan? Dat Drentse landschap is namelijk niet zomaar ontstaan. Het is een verhaal van water, ijs en heel veel turf.

Het is een plek waar je tijdens je vakantie in Drenthe letterlijk door de geschiedenis fietst.

Je voelt de rust, maar de grond onder je voeten heeft een woelig verleden. Dit landschap is de reden dat zoveel mensen kiezen voor een vakantiepark in Drenthe of een camping in Drenthe. Het is anders dan de rest van Nederland. Het is groter, stiller en ouder.

Zelfs de beroemde hunebedden horen bij dit verhaal. Ze staan er al duizenden jaren.

Begrijpen hoe dit landschap is ontstaan, maakt je wandeling of fietstocht dubbel zo leuk. Je ziet niet alleen het nu, maar ook het verleden.

De Drentse bodem: een lapjesdeken van klei en zand

Om te begrijpen hoe het veenlandschap is ontstaan, moeten we eerst terug in de tijd. Heel ver terug. Zo'n 150.000 jaar geleden was Drenthe een poolwoestijn.

Grote ijstijd-gletsjers schoven vanuit Scandinavië over de grond. Ze duwde enorme stapels stenen, zand en klei voor zich uit. Toen het ijs smolt, bleef dat spul liggen.

Dat zorgde voor heuvels en plateaus. Dit is de basis van het Drentse landschap.

Die gletsjers lieten niet zomaar rommel achter. Ze droegen stenen mee vanuit het hoge noorden. Grote keien, die nu nog steeds in de grond liggen. Later, in de steentijd, hebben mensen die stenen gebruikt om de hunebedden te bouwen.

Zonder die ijstijd was Drenthe dus nooit de plek van de hunebedden geworden. Het is de reden dat je in Drenthe soms een heuvel op fietst die een 'es' heet. Dat is een oude stuwwal.

Hoe water en turf het landschap vormden

Na de ijstijd werd het klimaat warmer. De grond was nog laag en er was weinig afvoer voor water.

Drenthe veranderde in een groot moeras. Overal groeide riet en bomen die van water hielden. Toen die bomen en planten doodgingen, zakten ze weg in het water. Er was te weinig zuurstof om ze te laten vergaan.

Zo ontstond er veen, oftewel turf. Dit proces duurde duizenden jaren.

Dit veen groeide langzaam omhoog. Het werd een dik pakket dat de oude zandgrond en de klei bedekte.

Daardoor werd het landschap heel vlak. Maar het bleef water vasthouden. Het veen werkte als een enorme spons.

In de zomer bleef het nat en in de winter bevroor het. Dit zorgde voor die typische Drentse koude grond.

Tot ver in de twintigste eeuw werd dit veen afgegraven voor brandstof. Dat graven zorgde voor meren en plassen, zoals je nu nog ziet rondom vakantieparken. Je ziet het effect van dat veen nog steeds.

In de zomer kan het flink droog zijn en barst de grond open.

In de herfst blijven de plassen lang staan. Het is een landschap dat leeft en beweegt.

Als je gaat wandelen vanaf je camping, merk je dat direct. De grond voelt soms zacht en veerkrachtig.

Dat is het echte Drenthe.

De mens als landschapsmaker: van boer tot turfsteker

De mens heeft het landschap flink veranderd. Rond 3000 jaar geleden begonnen boeren met het kappen van bossen.

Ze maakten ruimte voor akkers en weilanden. Dit noem je ontbossing.

Ze maakten gebruik van de vruchtbare grond die door de ijstijd was afgezet. Zo ontstonden de eerste nederzettingen. De hunebeddenbouwers waren hier al eerder, maar de landbouwers zorgden voor een blijvende verandering. In de middeleeuwen werd turfsteken heel belangrijk.

Drenthe werd de 'turfoverstuurder' van Nederland. De turf werd per schuit naar de steden in het westen gebracht.

Om de turf te vervoeren, groeven mensen sloten. Heel veel sloten. Dat drainage-netwerk bepaalt nog steeds de indeling van het landschap. Zie je die lange, rechte sloten?

Die zijn gegraven om het water af te voeren zodat ze turf konden winnen. Later, in de negentiende eeuw, werden de grotere zandverstuivingen aangepakt.

De bossen die je nu ziet bij vakantieparken als Landgoed 't Wildryck of bij de Hondsrug, zijn vaak aangeplant.

Ze moesten het stuifzand tegenhouden. Vroeger was dat een groot probleem. Nu is het een prachtig wandelgebied. De mens werkte samen met de natuur om het leefbaar te maken.

Waarom dit landschap zo speciaal is voor jouw vakantie

Waarom is dit verhaal belangrijk voor jouw vakantie? Omdat het de sfeer bepaalt.

In Drenthe voel je de ruimte. Tussen de glooiende stuwwallen en Drentse historische landgoederen kijk je ver over het open veenlandschap.

Je staat niet in een drukke stad, maar in een landschap dat millennia oud is. Dat geeft een gevoel van rust en tijdloosheid. Je vindt er ook unieke flora en fauna.

In de natte heidegebieden groeien zonnedauw en dopheide. Je ziet er de schaapskuddes die het gras kort houden.

In de bossen leven edelherten en wilde zwijnen. Tijdens een wandeling vanaf je camping kun je zomaar oog in oog staan met een ree. Het is een levend museum. En dan de hunebedden.

Ze zijn de kers op de taart. Deze stenen monumenten passen perfect in dit verhaal.

Ze staan op de zandgronden die door het ijs zijn achtergelaten. Ze zijn getuigen van een lange geschiedenis. Bezoek ze, voel de koude stenen.

Ze zijn veel ouder dan de Egyptische piramides. Het maakt je vakantie in Drenthe extra bijzonder.

Praktische tips: Ervaar het Drentse veenlandschap zelf

Wil je dit landschap echt beleven? Ga dan op pad.

De beste manier is lopen of fietsen. De Hondsrug is perfect om de stuwwallen te voelen. Vanaf camping De Wije of een andere camping in de omgeving kun je zo het Dwingelderveld op. Neem goede schoenen mee, want het kan modderig zijn.

Plan een bezoek aan de hunebedden. De grootste, D27 bij Borger, is indrukwekkend.

Je kunt er zo bij lopen. Combineer dit met een bezoek aan het Hunebedcentrum in Borger.

Daar leggen ze het verhaal achter de stenen uit. De entree is ongeveer €12,50 voor volwassenen. Kinderen betalen minder. Het is een kleine investering voor een grote ervaring.

Als je een vakantiehuisje boekt op een vakantiepark in Drenthe met huifkartocht, kijk dan of het in de buurt van het Drents-Friese Wold ligt. Daar zie je hoe het veen overgaat in het zand.

Je kunt er prachtige tochten maken van 5 tot 15 kilometer. Of huur een kano en ontdek een meerdaagse Drentse kanoroute over de Drentse Aa. Dan zie je het landschap vanaf het water.

Zo ervaar je de rust én de kracht van het water. Drenthe is een openluchtmuseum waar je zelf deel van uitmaakt.

Portret van Femke van der Dijk, Drenthe gids en reisschrijver over hunebedden en campings.
Over Femke van der Dijk

Femke van der Dijk groeide op tussen de hunebedden en het Nationaal Park Dwingelderveld. Als geboren en getogen Drente schrijft ze over alles wat de provincie te bieden heeft – van de beste vakantieparken tot verborgen wandelroutes en de lekkerste pannenkoekenhuizen.