Industrieel Smalspoor Museum Erica Drenthe: Veentrein en industriegeschiedenis

Portret van Femke van der Dijk, Drenthe gids en reisschrijver over hunebedden en campings.
Femke van der Dijk
Drenthe gids & reisschrijver
Hunebedden & Geschiedenis · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je bent op vakantie in Drenthe. Je hebt de hunebedden bezocht, bent uitgewaaid op de hei en nu wil je iets anders. Iets échts.

Iets met stoom, olie en het gevoel van vroeger. Dan rijd je naar Erica, een dorpje net over de grens bij Emmen. Daar, tussen de weilanden en bossen, vind je een plek die een beetje een geheim is.

Het Industrieel Smalspoor Museum. Dit is geen stoffig museum met bordjes die je niet mag aanraken.

Dit is een werkplaats. Een plek waar je de adem van de stoomlocomotief voelt en de geschiedenis van Drenthe bijna kunt proeven.

Het is de perfecte afwisseling na een dag wandelen of cultuur snuiven.

Een museum dat nog leeft

Wat maakt dit museum nu zo bijzonder? Het is simpel: het is geen museum, het is een tijdreis.

De meeste musea laten zien hoe dingen waren. Hier laten ze zien hoe dingen nog steeds kunnen zijn.

De spoorlijnen hier zijn niet voor de sier. Dit zijn echte, smalle spoorwegjes die vroeger gebruikt werden voor de turfwinning en de industrie. Je ruikt de kolen.

Je hoort het gesis van de stoom. De vrijwilligers die hier rondlopen, zijn geen acteurs. Het zijn echte liefhebbers die je met passie vertellen over elk moertje en elke veer. Ze weten alles van de Drentse geschiedenis, van de tijd dat turfstekers en fabrieken het landschap vormden.

De kern van het verhaal hier is de Veentrein. Dit is de trein die je meeneemt op een ritje door het veen.

Je stapt in een wagonnetje dat een beetje wiebelt en je wordt langzaam voortgetrokken door een locomotief. Je ziet het landschap van Drenthe voorbijkomen op een manier die niet kan vanaf de snelweg.

Je ziet de greppels, de oude veenputten en de natuur die alles heeft overgenomen. Het is een ritje van een minuut of tien, maar je voelt de sfeer van honderd jaar geleden. Het is niet spectaculair snel, maar het is precies dat kleine ritje dat je even helemaal uit de dagelijkse sleur trekt.

Hoe de Veentrein je meeneemt in de tijd

Je begint je bezoek bij de werkplaats. Daar staan de locomotieven.

Sommige zijn klein, niet groter dan een auto, en die draaien op stoom. Anderen zijn diesel.

Je mag kijken hoe ze worden klaargemaakt. Ze stoken het vuur op, controleren de druk en smeren de lagers. Als je geluk hebt, mag je zelfs even helpen.

De conducteur, die trouwens in een echt uniform loopt, geeft je een fluitje. Hij legt uit hoe de trein werkt: hoe de stoomkracht wordt omgezet in beweging, hoe de remmen functioneren en waarom de rails zo smal zijn.

Die smalspoorlijnen waren vroeger goedkoper en makkelijker aan te leggen in het moerasachtige veen. De rit zelf is een belevenis. Je zit in een open wagonnetje of in een gesloten rijtuig uit de jaren twintig. De trein dendert langzaam over de houten bielzen.

Je stopt bij een oude turfstrooiselfabriek. De gids vertelt dan over de tijd dat Drenthe nog werd gezien als de schoorsteen van Nederland.

Over de mensen die hier in armoede leefden, maar ook over de industrie die hier floreerde. Je ziet de oude gebouwen nog staan. Het is een stukje Drentse geschiedenis dat je normaal alleen in boeken leest, maar hier gewoon kunt aanraken. Het voelt alsof je zelf even een turfsteker bent uit 1920.

Prijzen, openingstijden en praktische info

Een bezoekje aan dit museum kost bijna niets en dat maakt het zo leuk voor gezinnen. De entreeprijs is laag, zodat je zonder nadenken even binnenloopt.

Je betaalt ongeveer €5,- voor volwassenen. Kinderen tussen de 4 en 12 jaar betalen rond de €3,-. Kinderen onder de 4 jaar mogen gratis naar binnen.

Als je met een groep komt, bijvoorbeeld met je familie vanaf de camping, dan is er vaak een kleine korting mogelijk als je van tevoren belt.

De prijs voor de rit met de Veentrein zit hier bij inbegrepen. Je hoeft dus niet apart te betalen voor een kaartje voor de trein. Je kunt zo vaak meerijden als je wilt, zolang de trein rijdt. Het museum is het hele jaar geopend, maar de frequentie van de trein hangt af van het seizoen.

In de zomer, als het vakantie is in Drenthe, rijdt de Veentrein bijna continu. Je kunt dan zo aankomen en binnen een half uur instappen.

In de wintermaanden, van november tot maart, is het meestal alleen in het weekend open en soms alleen op zondag. De trein rijdt dan meestal maar één of twee keer per uur. Het is dus slim om even op hun website te kijken voordat je de auto pakt.

De adresgegevens zijn eenvoudig: je rijdt naar Erica en volgt de borden.

Parkeerplaats is gratis en vlakbij.

Combineer je bezoek met een dagje Drenthe

Dit museum ligt perfect voor een dagje uit in Drenthe. Het ligt vlakbij Emmen, dus je kunt het makkelijk combineren met een bezoek aan Wildlands Adventure Zoo Emmen of het Drents Museum in Assen. Maar wat misschien nog leuker is: combineer het met de natuur.

Je bent hier in de buurt van het Drents-Friese Wold. Na de treinrit kun je nog een mooie wandeling maken.

Er zijn diverse wandelroutes in de omgeving van Erica die je direct vanaf het museum kunt starten. Zo maak je er een complete dag van: in de ochtend de trein, daarna een lunch in het museumcafé (als het open is) en in de middag het bos in.

Ben je op een camping in Drenthe of in een vakantiepark in de buurt? Dan is dit een uitje dat je niet mag missen, net als een bezoek aan het authentieke museumdorp Orvelte. Veel vakantieparken in Drenthe hebben folders liggen over dit museum.

Het is een perfecte activiteit voor als het weer iets minder is, maar je wel iets wilt ondernemen.

De rit in de trein is overdekt en de werkplaats is overdekt. Je staat dus niet de hele dag in de regen. Het is een stukje beleving dat je normaal gesproken in het buitenland zou zoeken, maar het gewoon hier in het oosten van het land vindt.

Handige tips voor je bezoek

Om je bezoek zo soepel mogelijk te laten verlopen, hier een paar concrete tips. Ten eerste: trek niet je mooiste kleren aan. Je bent in een werkplaats en in een open trein.

Er kan roet of vet op je kleding komen. Het is vooral voor kinderen handig als ze iets aan hebben dat vies mag worden.

Ten tweede: neem contant geld mee. Hoewel veel musea pinnen accepteren, is het in dit soort kleine, vrijwilligersgestuurde musea soms nog wel eens een issue met de pinapparaten.

  • Check de vertrektijden: Vooral in het laagseizoen (winter) rijdt de trein maar een paar keer per dag. Bel even of kijk online.
  • Neem de tijd: Plan minimaal anderhalf uur. Je wilt niet alleen de rit maken, maar ook rondkijken in de werkplaats en misschien een praatje maken met de vrijwilligers.
  • Hou rekening met kinderen: Het is heel kindvriendelijk, maar er zijn losse onderdelen en gaten in de grond. Hou ze in de gaten.
  • Eten en drinken: Er is vaak een kleinschalig café of een automaat. Neem voor de zekerheid een flesje water en een koekje mee voor onderweg.

Een €10 briefje in je zak is nooit verkeerd. Als je eenmaal bent geweest, snap je waarom Drenthe zo'n speciale plek is. Het gaat niet alleen over hunebedden en natuur.

Het gaat ook over de mensen die hier hard hebben gewerkt om een bestaan op te bouwen.

Het Industrieel Smalspoor Museum Erica laat dat zien, zonder ingewikkeld te doen. Het is gewoon een leuk, leerzaam en heel anders uitje. Dus, als je de volgende keer in Drenthe bent en na de hunebedden ook het Meisje van Yde in Assen hebt bewonderd, rijd dan even langs Erica. De Veentrein wacht op je.

Portret van Femke van der Dijk, Drenthe gids en reisschrijver over hunebedden en campings.
Over Femke van der Dijk

Femke van der Dijk groeide op tussen de hunebedden en het Nationaal Park Dwingelderveld. Als geboren en getogen Drente schrijft ze over alles wat de provincie te bieden heeft – van de beste vakantieparken tot verborgen wandelroutes en de lekkerste pannenkoekenhuizen.