Drenthe dorpen wandelstartpunt: Wandelroutes direct vanuit het dorp
Stap je de deur uit en sta je midden in de stilte van Drenthe. Geen gedoe met de auto eerst, geen parkeerplaats zoeken.
Je begint gewoon vanuit het dorp, met je wandelschoenen aan. Dat is het echte vakantiegevoel: de natuur als je achtertuin.
Drenthe is de wandelprovincie bij uitstek. Denk aan de zandverstuivingen, de oude bossen en natuurlijk die beroemde hunebedden. Maar het mooiste is misschien nog wel hoe de dorpen zich naadloos voegen in dat landschap.
Je loopt zo het bos in vanuit je vakantiehuisje of camping. Makkelijker wordt het niet.
Wat is een dorp als wandelstartpunt?
Een wandelstartpunt in een Drents dorp is simpelweg een plek vanwaar je direct de natuur induikt. Je parkeert je auto bij de brink of bij de plaatselijke herberg en volgt de bordjes.
Binnen vijf minuten hoor je alleen nog maar vogels en het ritselen van bladeren. Geen grote parkeerterreinen bij een natuurgebied, maar directe toegang. De kracht van deze dorpen ligt in de combinatie.
Je hebt de voorzieningen dichtbij: een bakker voor je ontbijt, een cafeetje voor je lunch en een restaurant voor ’s avonds.
Tegelijkertijd stap je vanuit die dorpskern zo de uitgestrekte heidevelden of bossen in. Zo combineer je het gemak van een dorp met de rust van de wildernis.
De leukste dorpen om te starten
Elk dorp heeft zijn eigen charme en routes. Sommige zijn gericht op cultuur, andere op pure natuur.
Dwingeloo: de poort naar de heide
Hieronder vind ik een paar favorieten die perfect zijn als je je auto langere tijd kunt laten staan. Dwingeloo is een plaatje om te zien. Het dorp heeft een prachtige brink en een historische kerk.
Vanuit hier loop je direct naar Nationaal Park Dwingelderveld. De route naar de radiotelescoop is een klassieker.
Je wandelt over schapenpaden en ziet de grote schotels opdoemen. Combineer dit met een bezoek aan het Benderse. Dit is een zwemvijver direct bij het dorp.
Borger: slapen bij de hunebedden
Heerlijk om even af te koelen na een wandeling van 10 kilometer. In het dorp zelf zit De Heksenketel voor een lekkere pannenkoek.
Prijzen liggen daar rond de €12-€16. Borger is het epicentrum van de hunebedden.
Het Hunebedcentrum is hier een must-visit. Vanuit het dorp loop je in een paar minuten naar het grootste hunebed van Nederland (D27). Je voelt de historie direct. De wandelroutes hier zijn vaak korter, ideaal voor gezinnen of als je even een uurtje wilt bewegen.
Je loopt van het ene hunebed naar het andere. Onderweg kom je door bossen en over heidevelden.
Giethoorn: niet alleen het water
Sluit af met een ijsje in het dorp. Simpel, maar zo effectief. Ja, Giethoorn staat bekend om de grachten, maar het is ook een fantastisch wandelstartpunt.
De meeste toeristen blijven in het centrum, maar jij neemt de brug over en slaat linksaf. Dan kom je in de weilanden en de bossen van de Weerribben.
De paden zijn hier vaak verhard en vlak, wat het toegankelijk maakt voor iedereen. Je wandelt tussen het riet en ziet de boerderijen. Het is een heel ander landschap dan het zand van Dwingeloo.
Prijzen voor een bootje zijn hoog, maar wandelen is gratis. Exloo ligt midden in de Drentse Monden.
Exloo: de parel van de Drentse Monden
Dit is een gebied dat vroeger heide was, maar nu wordt gebruikt voor landbouw. Het resultaat is een open landschap met glooiende akkers en kleine bospercelen. Het voelt hier heel ruim.
Vanuit Exloo kun je prachtige lussen lopen. Je ziet de landbouw in actie en de rust is hier overweldigend.
Er zijn hier ook speciale wandelroutes voor rolstoelen en kinderwagens, perfect voor een breed publiek.
Parkeren kan vaak gratis langs de weg.
Hoe werkt het? Praktisch stap voor stap
Het idee is simpel: je kiest een dorp, zoekt een parkeerplek en loopt. Maar er zijn een paar dingen die het leven makkelijker maken.
De meeste dorpen hebben een zogenaamd 'toeristisch overstappunt' (TOP). Dat is een bord met allemaal routes erop. Bij zo'n TOP staat vaak een kaart.
Je kunt kiezen voor een route van 5, 10 of 15 kilometer.
Sommige routes zijn bewegwijzerd met gekleurde paaltjes. Andere moet je volgen via een app of een foldertje. Het handigste is om de app van 'Wandelnet' of 'ANWB Routes' te downloaden. Dan heb je de route altijd bij je.
Tip: Koop een wandelkaart van de streek. Die kosten ongeveer €6 tot €9.
Ze zijn vaak te koop bij de lokale boekhandel of de VVV in het dorp. Een papieren kaart geeft je een beter overzicht en je raakt niet je batterij kwijt.
Verschillende soorten routes en kosten
Niet elke wandeling is hetzelfde. De een zoekt de uitdaging, de ander het gemak.
In Drenthe is er voor elk wat wils, ook als je een dagje wilt winkelen in de gezellige steden. Je betaalt overigens nooit voor het wandelen zelf, alleen voor eventuele consumpties of parkeerkosten. De themaroutes (€0 - €5)
Dit zijn vaak routes met een verhaal. Denk aan de 'Hunebeddenroute' of de 'Kabouterroute' voor kinderen. Deze zijn vaak gratis te downloaden.
Soms koop je bij de hunebedden een plattegrondje voor een paar euro. Ze zijn meestal tussen de 3 en 8 kilometer lang. De lange afstandswandelpaden (€0)
Drenthe doorkruisen met een wandelroute.
De Pieterpad is hier een goed voorbeeld. Je kunt instappen op verschillende punten.
De etappes zijn vaak 15 tot 20 kilometer. Je betaalt niets, maar je moet wel je eigen lunch meenemen of onderweg geld uitgeven. Georganiseerde wandeltochten (€5 - €15)
Soms zijn er wandeltochten georganiseerd door een wandelvereniging. Je betaalt dan inschrijfgeld.
Dit is vaak inclusief een routebeschrijving en onderweg een versnapering. Kijk op de site van de KWBN voor data.
Dit is vooral gezellig als je alleen wandelt, bijvoorbeeld tijdens een bijzondere avondwandeling in de natuur. Overnachten in de natuur (€20 - €100+)
Wil je meerdere dagen wandelen? Dan is een camping of vakantiepark de beste optie. Een kampeerplek op een natuurcamping zoals Diever of Doldersum kost ongeveer €20 per nacht. Een vakantiehuisje op een park zoals Landal GreenParks of Roompot begint bij €80 per nacht, afhankelijk van het seizoen.
Praktische tips voor de perfecte wandeldag
Een goede voorbereiding is het halve werk. Zorg dat je schoenen goed zijn ingelopen.
Niets is vervelender dan blaren op de eerste dag van je vakantie.
Neem altijd een regenjack mee, het weer in Drenthe kan omslaan. Wat te eten en drinken?
Neem een bidon van 0,75 liter water mee. In de zomer is dat echt nodig. Voor de lunch hoef je geen boterhammen mee te nemen.
De meeste dorpen hebben een supermarkt (Coop of Albert Heijn) waar je ’s ochtends brood kunt halen. Of je pakt een terras. Een broodje bal kost ongeveer €6,50. Parkeren en openbaar vervoer
Parkeren in de dorpen is meestal gratis of goedkoop (€2 per dag).
In de grote toeristische dorpen zoals Giethoorn kan het druk zijn. Parkeer dan iets buiten het centrum.
Openbaar vervoer is prima geregeld met buslijnen van Qbuzz. Je kunt vaak in- en uitstappen bij de TOP-punten. Respect voor de natuur
Drenthe is kwetsbaar.
Blijf op de paden, zeker in het broedseizoen (maart-augustus). Houd je hond aan de lijn waar het moet en ruim je rotzooi op. Alleen zo blijft het een paradijs voor wandelaars. Geniet vooral.
Van de geur van dennennaalden, het geluid van een specht en de oneindige rust.
Drenthe ontdekken te voet, bijvoorbeeld langs de historische kerk van Rolde, dat is pas echt vakantie vieren.
