Wat zijn hunebedden en hoe zijn ze gebouwd? Uitleg voor kinderen

Portret van Femke van der Dijk, Drenthe gids en reisschrijver over hunebedden en campings.
Femke van der Dijk
Drenthe gids & reisschrijver
Hunebedden & Geschiedenis · 2026-02-15 · 6 min leestijd
Stel je voor: je fietst door Drenthe, de zon schijnt en dan zie je opeens een enorme stapel stenen. Zo groot als een kleine heuvel. Je kunt er zo op klimmen. Dit zijn hunebedden. Ze zijn ontstaan lang, lang geleden, nog voordat er scholen of koningen waren. Niemand weet precies wie ze bouwden, maar we weten wel hoe ze eruitzien en waarom ze zo bijzonder zijn. Als je in een vakantiepark in Drenthe bent, of op een camping, dan is het een must om ze te bekijken. Ze zijn als een openluchtmuseum, maar dan gratis en in de natuur.

Wat zijn hunebedden eigenlijk?

Een hunebed is eigenlijk een soort stenen kamer. De vorm is meestal een langwerpige driehoek.

De zijkanten lopen schuin naar binnen toe. Het lijkt een beetje op een boot die ondersteboven ligt. De bovenkant is bedekt met grote zwerfkeien.

Dat zijn stenen die vroeger door het ijs vanuit Scandinavië naar Drenthe zijn gebracht. Het is een graftombe.

Er zijn in Nederland ongeveer 54 hunebedden. Ze staan allemaal in Drenthe.

De allergrootste is Hunebed D27 in Borger. Die is 22 meter lang. De kleinste is soms maar 3 meter lang. Ze zijn gemaakt door de Trechterbekercultuur.

Dat waren boeren die leefden tussen 3400 en 2800 vóór Christus. Ze gebruikten de hunebedden als begraafplaats. Ze legden er doden in en gaven ze spullen mee, zoals aardewerk en bijlen.

Stap 1: Zoek de juiste stenen (de zwerfkeien)

Je hebt enorm veel stenen nodig. En niet zomaar stenen.

Het moeten zwerfkeien zijn. Dit zijn keien die in de Ice Age (IJstijd) door gletsjers vanuit Noorwegen of Zweden naar Nederland zijn gebracht. Ze zijn gemaakt van graniet.

Graniet is een heel hard soort steen. Het is bijna onverwoestbaar.

In Drenthe liggen deze stenen vaak in de tuin van vakantiehuizen of bij de ingang van een camping. Je mag ze niet zomaar meenemen uit de natuur. Hoeveel stenen heb je nodig? Voor een klein hunebed (type A) heb je ongeveer 15 tot 20 grote stenen nodig.

Voor een groot hunebed (type D27) wel 60 tot 70 stuks. De grootste stenen wegen soms wel 20.000 kilo.

Dat is net zo zwaar als 10 auto’s. Je kunt ze niet tillen. Je hebt dus echt hulp nodig van zwaar materiaal. Of van een heel groot leger.

"De stenen zijn zo hard dat ze 3000 jaar later nog steeds liggen. Ze zijn sterker dan beton."

Stap 2: Kies een goede plek

De bouwers van vroeger zochten altijd een plek op een hogere zandrug.

In Drenthe heet dat een dekzandrug. Waarom? Omdat het daar droog bleef als het regende. Als je een hunebed in een laagveen bouwt, dan zakt het weg. De plek moest ook opvallen.

Ze wilden dat iedereen het kon zien. Daarom bouwden ze ze vaak op de rand van een heideveld of bos.

Je hebt ongeveer 50 tot 100 vierkante meter ruimte nodig. De grond moet stabiel zijn.

Geen veen, maar stevig zand. Tegenwoordig zie je dat hunebedden vaak in het Drents-Friese Wold liggen of bij Borger. Als je zelf een model bouwt (bijvoorbeeld in de zandbak op de camping), zorg dan dat je de ondergrond eerst even aandrukt. Anders zakken je stenen weg.

Stap 3: De zijstenen (de wanden) plaatsen

Eerst leg je de grote stenen langs de zijkanten. Dit worden de wanden.

Je legt ze niet plat, maar een beetje schuin. Ze mogen niet losliggen.

Ze moeten steunen op elkaar. De openingen tussen de stenen vul je op met kleine steentjes. Dit noem je steenschotten.

Zo ontstaat er een soort bak. De afstand tussen de wanden mag niet te groot zijn.

Bij de opening (de toegang) is de afstand ongeveer 1 meter. Helemaal achterin is de afstand kleiner, ongeveer 50 centimeter. De stenen die je gebruikt voor de wanden zijn vaak 1 tot 1,5 meter hoog. Je moet eronder kunnen kruipen.

Let op: zorg dat de stenen stabiel liggen. Ze mogen niet wiebelen.

Anders stort het in.

Stap 4: De dekstenen erop leggen

Dit is het spannendste deel. Je moet de grootste stenen bovenop de wanden leggen.

Dit zijn de dekstenen. Ze kunnen wel 10.000 kilo wegen. In de bouwtijd van de monumenten hadden de hunebedbouwers geen kranen.

Ze gebruikten takkenrollen en zandheuvels. Ze maakten een schuine baan van zand.

Dan schoven ze de steen omhoog. Dit duurde waarschijnlijk weken. De dekstenen bedekken de hele graftombe. Ze liggen strak op de wandstenen.

Er mag geen gat openblijven. De vorm van de stapel is nu een driehoek geworden.

Van boven smal, van onder breed. Dit zorgt ervoor dat het regenwater eraf loopt. Zo blijft de kamer binnen droog.

Als je zelf een model bouwt met kleine keien, leg ze dan kruislings over elkaar heen.

Dat is het sterkst.

Stap 5: De ingang afwerken

De meeste hunebedden hebben een opening aan de oostkant. Dat is waar de zon opkomt.

De ingang is vaak smaller dan de rest van de kamer. Soms zit er een speciale steen voor die de ingang afsluit. Dit is de sluitsteen.

Hij is vaak smaller en hoger dan de andere stenen. Bij de ingang legden de bouwers vaak een klein stapeltje stenen.

Dit was een soort drempel. In de kamer zelf legden ze de doden.

Ze deden dit in houten kistjes of gewikkeld in dierenhuiden. Ze gaven ze ook servies mee. Dat servies was gemaakt van klei. Het heet trechterbekers. Dat is waar de Trechterbekercultuur zijn naam vandaan heeft.

Veelgemaakte fouten bij het bouwen

Veel mensen denken dat je een hunebed zomaar even in het zand kunt duwen. Dat is niet zo.

De grootste valkuil is stabiliteit. Als de ondergrond niet hard genoeg is, zakken de stenen scheef.

In Drenthe zie je dat sommige hunebedden een beetje scheef staan. Dat komt door de tijd en het zand, wat vraagt om goed onderhoud van de hunebedden. Een andere fout is het verkeerd stapelen.

De stenen moeten werken als een boog. Anders vallen ze naar binnen. Een derde fout is de materiaalkeuze. Je kunt geen kalksteen gebruiken.

Die brokkelt af in de regen. Je hebt graniet nodig.

In Drenthe vind je dit van nature. Als je in een vakantiepark Drenthe bent en je wilt het nabouwen met Lego, let dan op dat je de stenen goed vastklikt.

Zo voorkom je dat je bouwwerk in elkaar stort. Wil je de echte hunebedden in Drenthe gratis bezoeken?

Verificatie-checklist

Is je hunebed (of model) goed gebouwd? Loop deze punten na:

  • Staan de zijstenen stevig en schuin?
  • Zijn de dekstenen groot genoeg om de opening te bedekken?
  • Is de grond hard en droog?
  • Is de vorm een langwerpige driehoek?
  • Zit er een kleine opening aan de oostkant?

Als je al deze vragen met 'ja' kunt beantwoorden, dan heb je een echte Drentse hunebed-nabouwing gemaakt. Zo niet, probeer het dan opnieuw. Het is een uitdaging, maar het lukt je!

Portret van Femke van der Dijk, Drenthe gids en reisschrijver over hunebedden en campings.
Over Femke van der Dijk

Femke van der Dijk groeide op tussen de hunebedden en het Nationaal Park Dwingelderveld. Als geboren en getogen Drente schrijft ze over alles wat de provincie te bieden heeft – van de beste vakantieparken tot verborgen wandelroutes en de lekkerste pannenkoekenhuizen.